Naar nieuws

MMA Begrippenlijst

18 april 2018

Delen:
Nieuws

De naam zegt het eigenlijk al, Mixed Martial Arts is één van de meest complexe sporten ter wereld. MMA bestaat uit honderden technieken uit verschillende vechtsport disciplines. Daarom zijn er tientallen regels, begrippen en technieken die je eigenlijk moet kennen om de sport te begrijpen. Om je kennis over MMA iets te verbreden hebben wij een lijst samengesteld met MMA-begrippen. Deze lijst zullen wij regelmatig aanvullen met meer informatie.

 

Algemene begrippen

Kooi of Ring

In het verleden werden MMA-partijen vaak gehouden een normale boksring. In Nederland is dat vaak nog steeds het geval. Maar de kooi is er juist voor de veiligheid van de atleten. Vroeger kwam het wel eens voor dat de wedstrijd uit de hand liep omdat atleten elkaar door de touwen de ring uitgooiden. Met een kooi heb je dit probleem niet. De kooi wordt ook wel de octagon genoemd, naar de achthoekige vorm die bij sommige MMA-evenementen gebruikt wordt.

 

Lengte van een partij

Bij een gewone MMA-partij krijgen de atleten 3 rondes van 5 minuten om de partij te beëindigen. Tussen de rondes in krijgen ze 1 minuut de tijd om uit te rusten. Mocht er een titel op het spel staan dan hebben ze 5 rondes van 5 minuten de tijd om de partij naar zich toe te trekken.

 

Scheidsrechter

Naast de twee atleten staat er nog iemand in de kooi. De scheidsrechter staat met zijn neus bovenop de actie om ervoor te zorgen dat de regels gehandhaafd worden. Ook staat hij klaar om in te grijpen wanneer een atleet zichzelf niet verder kan verdedigen om zo verdere schade te voorkomen.

 

Cutman

Tussen de rondes in komt er altijd iemand langs die de wonden verzorgt. Deze persoon heet een ‘cutman’. De atleten zijn vaak afhankelijk van de vaardigheden van deze persoon. Hij stopt zwellingen en het bloeden zodat de partij uitgevochten kan worden.

 

Fightcamp

Het voorbereiden op een partij heeft alle aandacht nodig. Je moet je streefgewicht behalen, werken aan je technieken, cardio en krachttraining. Hiervoor plant de atleet samen met het team van trainers, sparringpartners en coaches ruim van te voren tijd in voor de voorbereiding. Deze periode staat bekend als het ‘Fightcamp’.

 

Gewichtsklassen

Om ervoor te zorgen dat de atleten fysiek geen grote voordelen hebben tegenover hun tegenstanders zijn er gewichtsklassen gemaakt. Bij het tekenen van het contract wordt bepaald in welke gewichtsklasse de atleet vecht. Om te vechten in de afgesproken gewichtsklasse mag de atleet niet zwaarder wegen dan het limiet van die klasse. De atleten mogen maximaal 1 pond te zwaar zijn, behalve bij een titelgevecht. Mocht een atleet bij een titelgevecht te zwaar zijn dan maakt alleen de tegenstander aanspraak op de titel.

  • Zwaargewicht (265 lb / 120.2 kg)
  • Lichtzwaargewicht (205 lb / 93.0 kg)
  • Middengewicht (185 lb / 83.9 kg)
  • Weltergewicht (170 lb / 77.1 kg)
  • Lichtgewicht (155 lb / 70.3 kg)
  • Vedergewicht (145 lb / 65.8 kg)
  • Bantamgewicht (135 lb / 61.2 kg)
  • Vedergewicht vrouwen ( 145 lb / 65.8 kg)
  • Vlieggewicht vrouwen ( 125 lb / 56.7 kg)

 

Gameplan

Tijdens het voorbereiden van een partij wordt vaak een team bij elkaar geroepen voor het bespreken van een ‘gameplan’. Coaches, trainers en de atleet bespreken de juiste strategie voor de aankomende tegenstander. Het maken van een ‘gameplan’ brengt wel nodige risico’s met zich mee, de tegenstander bereid namelijk ook een ‘gameplan’ voor aan de hand van jouw eerdere partijen.

 

Weigh-ins

In MMA bestaan er verschillende gewichtsklassen. Dit om er zeker van te zijn dat de atleten tijdens hun partij in ieder geval qua gewicht op gelijke voet staan. Één dag voor de partij wordt bekeken of de atleten hun streefgewicht behaald hebben. Mocht één van de atleten het gewicht niet behalen dan moet diegene 20% van zijn gage inleveren bij zijn tegenstander. Wanneer dit gebeurt bij een titelgevecht dan kan bij winst alleen degene die het gewicht behaald heeft aanspraak maken op de titel.

 

Weighcut

MMA-atleten willen graag zo groot mogelijk zijn tijdens hun partij. Om deze reden vechten ze meestal onder hun natuurlijke gewicht. Ze vallen af om het streefgewicht te behalen voor de weging. Vervolgens proberen ze na de weging binnen korte tijd weer zoveel mogelijk aan te komen om tijdens de partij zo zwaar mogelijk te zijn.

 

Record

Hier staat beschreven hoeveel partijen de atleet heeft gewonnen, verloren of gelijk gespeelt. Een voorbeeld: met een record van 12-7-2 , 1 NC heeft de atleet 12 partijen gewonnen, 7 verloren en 2 gelijkgespeelt. De ‘1 NC’ staat voor ‘No contest’. Wanneer een atleet per ongeluk een ongeoorloofde techniek uitvoert kan het zijn dat zijn tegenstander niet verder kan. De partij kan dan door de arts of scheidsrechter gestopt worden. Geen van de atleten heeft dan gewonnen en krijgen zij een NC toegevoegd aan hun record.

 

Staredown

Na de weging en/ of tijdens persconferentie staan de atleten vaak recht tegenover elkaar. Ze kijken elkaar diep in de ogen aan. Vaak zoeken ze naar onzekerheid in de ogen van hun tegenstander. Zo krijgen ze voor de partij al een idee van hoe de ander zich voelt en kunnen ze elkaar intimideren. Sommige atleten maken geen oogcontact terwijl anderen met hun neus tegen hun tegenstander staan. Dit is allemaal onderdeel van de psychologische oorlogvoering voor de daadwerkelijke MMA-partij.

 

Tale of the tape

Voor de partij begint worden wat kenmerken vergeleken. Dit wordt de ‘Tale of the tape’ genoemd. Het record, de leeftijd, lengte, gewicht en reikwijdte wordt visueel tegenover elkaar gezet voor de kijkers thuis. Met deze informatie krijg je een globaal idee over de sterke punten van de atleten tijdens de partij. Natuurlijk zegt strategie, uithoudingsvermogen, techniek en incasseringsvermogen meer over de eventuele uitkomst van een partij. Maar die zijn moeilijker om te zetten in statistieken.

 

Regels: Wat mag niet?

  • Kopstoten ;
  • Aanvallen richting het oog ;
  • Bijten ;
  • Spugen ;
  • Haren trekken ;
  • Fish hooking: Trekken aan de hoek van de mond ;
  • Aanvallen naar het kruis ;
  • Een vinger in een wond drukken ;
  • Kleine gewrichten manipuleren ;
  • 12-6 ellebogen ;
  • Aanvallen naar de ruggengraat of achterkant van het hoofd ;
  • De nier raken met de hiel ;
  • Aanvallen naar de keel ;
  • Knijpen ;
  • Trekken aan het sleutelbeen ;
  • Trappen naar het hoofd van een tegenstander die op de grond ligt ;
  • Knieën naar het hoofd van een tegenstander die op de grond ligt ;
  • Stampen naar het hoofd van een tegenstander die op de grond ligt ;
  • De kooi vasthouden ;
  • Broekjes of handschoenen vasthouden ;
  • Grof taalgebruik ;
  • Onsportief gedrag dat tot blessures kan leiden ;
  • Tegenstander aanvallen tijdens de rustperiode ;
  • Tegenstander aanvallen wanneer de arts aan het behandelen is ;
  • Aanvallen van een tegenstander na de bel ;
  • Tegenstander uit de kooi gooien ;
  • De instructies van de scheidsrechter negeren ;
  • Tegenstander gooien op het hoofd of ruggengraat .

 

Hoe win je een MMA-partij?

KO: Knock-out

Om een partij te winnen met een knock-out (KO) moet een atleet ervoor zorgen dat de tegenstander bewusteloos is door een geoorloofde stoot- of trap techniek. Dit zou staand kunnen, vanuit de clinch of op de grond. Ook technieken met de elleboog of knie worden hier gezien als stoot- of trap technieken.

 

TKO: Technische Knock-out

Als een tegenstander overrompeld wordt door verscheidene aanvallen en zichzelf niet kan of wil verdedigen dan grijpt de scheidsrechter in. De ontvangende partij hoeft hierbij niet het bewustzijn te verliezen. Ook een blessure kan ervoor zorgen dat de scheids ingrijpt en een TKO overwinning geeft.

 

Submission

Submissions zijn verwurgingen of bepaalde klemmen die je tegenstander geen andere optie geven dan zijn betere te erkennen. Hij kan dit kenbaar maken door af te tikken op je lichaam of op het canvas. Ook bestaat er een mogelijkheid om verbaal af te tikken door simpelweg “Tap!” te zeggen (of te schreeuwen). Ook kan er afgetikt worden wanneer de atleet opgeeft na een aantal stoten of trappen te hebben ontvangen. Een variatie van de standaard submission is de technical submission. Hier onderbreekt de scheidsrechter de klem of verwurging wanneer de tegenstander bewusteloos raakt of bijvoorbeeld een lichaamsdeel breekt.

 

Jury besluit

Mocht de partij niet voortijdig beëindigd worden dan moet de jury de uitkomst bepalen. De driekoppige jury scoort de rondes individueel en telt de resultaten bij elkaar op voor het definitieve besluit. Hiervoor hanteren zij het 10-puntensysteem uit het boksen.De winnaar van de ronde krijgt 10 punten en zijn tegenstander 9 of minder afhankelijk van de prestatie. De juryleden kijken naar de effectieve stoot- en traptechnieken, grapplingtechniek, controleren en domineren van de ruimte in de kooi, de druk en verdediging.

Het oordeel van de jury kan de volgende resultaten hebben:

  • Unaniem besluit (unanimous decision) : Alle juryleden zien dezelfde atleet als winnaar;
  • Meerderheidsbesluit (majority decision) : Twee juryleden hebben dezelfde atleet als winnaar gekozen maar het laatste jurylid vindt het een gelijkspel;
  • Verdeeld besluit (split decision) : Twee juryleden hebben dezelfde atleet als winnaar gekozen. Het laatste jurylid geeft de andere atleet de overwinning;
  • Unaniem gelijkspel (unanimous draw): De juryleden vinden het een gelijkspel;
  • Meerderheids gelijkspel (majority draw): Twee juryleden vinden het een gelijkspel, één jurylid niet;
  • Verdeeld gelijkspel (split draw): Één jurylid vindt het een gelijkspel en resterende juryleden hebben niet dezelfde atleet als winnaar.

 

Diskwalificatie

Het is misschien niet de mooiste manier om te winnen, maar het hoort er wel bij. Een partij kan gewonnen worden door een ongeoorloofde techniek. Vaak wordt er van te voren meerdere keren gewaarschuwd maar na een aantal waarschuwingen kan een partij beëindigd worden. De atleet die na meerdere waarschuwingen ongeoorloofde technieken heeft gebruikt verliest hiermee dan de partij.

 

Grondtechnieken

Wanneer de partij naar de grond gaat zijn meerdere technieken geoorloofd. Hier worden er technieken uitgevoerd uit Judo, Braziliaans Jiu Jitsu, Sambo, worstelen en andere grappling gevechtskunsten.

 

Ground-and-pound

Dit zijn stoot -en traptechnieken op de grond. De aanvallen mogen niet landen tegen het achterhoofd van de tegenstander. Voor ellebogen geldt er een regel waarbij je geen verticale beweging mag maken, de zogeheten ‘12-to-6 elbows’. Ook traptechnieken zijn toegestaan op de grond, mits deze naar het lichaam worden gemaakt.

 

Grondposities

 

Guard

De atleet die op zijn rug ligt heeft meerdere opties om een submission uit te voeren en kan vanuit deze positie makkelijker ontsnappen dan bij andere. De atleet die bovenop ligt werkt meestal vanuit de guard naar andere posities waar hij meer mogelijkheden heeft om de partij te beëindigen.

 

Half guard

De half guard is een goede positie om los te gaan met ground-and-pound; het uitdelen van stoottechnieken op de grond. Hoewel ground-and-pound ook uit te voeren is via de guard, kan de atleet in de dominante positie (bovenop) meer controle uitoefenen in de half guard. Hierdoor is het moeilijker voor de onderste atleet om te ontsnappen. Daarentegen heeft de onderste atleet meerdere opties voor het uitvoeren van een submission.

 

Rear mount

Hier ligt de tegenstander met zijn rug bovenop de ander. De onderste atleet heeft hier de dominante positie. Vanuit deze positie wordt vaak de rear-naked choke uitgevoerd maar er zijn genoeg andere technieken om de partij te beëindigen.

 

Full mount

De meest dominante positie op de grond. Het is één van de lastigste posities om uit te ontsnappen. De atleet in de gunstige positie heeft hier veel opties om de partij te beëindigen. Dit kan via ground-and-pound of een submission. De atleet op de grond zal met de druk om moeten gaan en proberen te ontsnappen.

 

Submissions

Triangle Choke

De triangle choke is een verwurging waarbij de vechter de bloedtoevoer naar de hersens van zijn tegenstander blokkeert. De onderliggende vechter grijpt de nek van zijn tegenstander met zijn benen. Hier pakt hij ook een arm mee en zet hij de klem vast door zijn voet, in de knieholte van zijn andere been vast te zetten. De vechter knijpt hij de boel samen in een constructie die lijkt op een driehoek.

 

Armbar

De armbar zorgt ervoor dat de atleet de arm van zijn tegenstander op een onnatuurlijke manier probeert om te buigen. Deze techniek heeft meerdere varianten. Zo heb je onder andere de vliegende armbar en de helikopter armbar.

 

Arm Triangle

Bij deze verwurging wordt de bloedtoevoer naar je hersenen afgesloten. Het vervelende van deze klem is dat je ook half door je eigen arm wordt bekneld. De vechter ligt hier vaak naast zijn tegenstander (in side control) met zijn armen om een arm en de nek van zijn tegenstander.

 

Guillotine Choke

De atleet grijpt de nek van zijn tegenstander met zijn armen om de bloedtoevoer naar de hersenen af te sluiten door de halsslagader te blokkeren.Deze verwurging kan ook staand uitgevoerd worden. Afhankelijk van hoe deze uitgevoerd wordt, kan er ook voor gekozen worden om de zuurstoftoevoer te blokkeren met deze techniek.

 

Rear- naked Choke

De rear-naked choke is één van de meest gebruikte submissions in MMA. Hier heeft de vechter vaak de rug van zijn tegenstander en komt hij met zijn arm onder de kin van zijn tegenstander. Hij trekt hard aan en forceert zijn tegenstander om af te tikken. Bij het goed uitvoeren van de rear-naked choke kan de tegenstander binnen 10 seconden bewusteloos raken, het herstellen van de verwurging duurt ongeveer net zo lang.

 

Staande technieken

Stoot technieken

Jab

De jab is een techniek waarbij de voorste arm gebruikt wordt om een stoot uit te delen. Vaak wordt de jab gebruikt om de tegenstander op afstand te houden, afstand te meten of een combinatie te beginnen.

Directe stoot

Met een directe stoot of ‘cross’ gebruikt de atleet de achterste hand om zoveel mogelijk kracht te genereren. Deze stoot wordt vaak gebruikt om partijen te beëindigen maar ook in combinatie met andere stoot- en/of traptechnieken.

Hoek

Een hoek wordt uitgedeeld met een hoek van 90 graden naar het hoofd of op het lichaam. Met de juiste beweging van het lichaam kan deze stoottechniek met de linker- of rechterhand zoveel kracht genereren dat de ontvanger geen andere optie heeft dan neer gaan.

 

Opstoot

Met een verticale beweging vliegt deze stoot naar de kin of het lichaam van de ontvanger. De opstoot of uppercut wordt gezien als een echte ‘power punch’ die vaak gebruikt wordt wanneer atleten op korte afstand van elkaar vechten.

 

Ellebogen

Ook elleboogtechnieken zijn toegestaan in MMA. De ellebogen worden vooral gebruikt om scheuren te maken in de huid van de tegenstander, maar zijn zelden de oorzaak van een KO.

 

Trap technieken

Voorwaartse trap

Bij een voorwaartse trap deelt de atleet een trap uit waarbij hij een voorwaartse beweging maakt richting het hoofd of lichaam van de tegenstander.

 

Draaitrap

Door de draaiende beweging wordt er veel kracht gegenereerd. Deze trap zou, mits goed uitgevoerd, overal schade aan kunnen richten. Hoofd, lichaam en zelfs ledematen zijn niet veilig voor een draaitrap

 

Lowkick

Met een goede trap op het dijbeen kan de atleet ervoor zorgen dat zijn tegenstander zich niet meer goed kan verplaatsen. Met een lowkick haalt de atleet de kracht uit elke trap, stoot of takedown poging.


Delen: